zondag 27 januari 2013

Nasi, voor de doordeweekse zondagmiddag

Nasi goreng (Indonesisch: "gebakken rijst") is oorspronkelijk een  Indonesisch gerecht, waarin men de etensresten van de vorige dag (onder andere vlees) opbakt met rijst.
Het wordt vaak geserveerd met een gebakken ei en een plak ham.
Maar je kunt zoveel kanten uit, je mag eigenlijk zelf bepalen wat je erin doet en hoeveel.

Pa en ma zijn gisteren bij ons wezen eten. Maar na de kip-kerrie van gisteren, zijn er nog diverse roerbakgroenten over, rauw en ongebruikt. En aangezien ik tegen het weggooien van eten ben, bedacht ik vanmorgen dat ik dan maar een grote wok met nasi ga maken. Gewoon zo, uit de losse pols, met de ingrediënten die ik heb. En dan zien we wel.

Een eerste zoektocht door de vriezer leverde het volgende op:
- 2x kipfilet;
- bakje gerookt spek;
- bakje hamblokjes;
- kant-en-klare saté-saus;
- 3 kipsaté-stokjes in saté-saus.

En de rauwe groenten die ik over heb van gisteren:
- chinese wokgroenten;
- champignons in vieren gesneden;
- groene en rode punt-paprika in reepjes gesneden;
- taugé.

Hmm, daar moet iets eetbaars van te maken zijn toch? Ik ga een wok vol maken, wat over is gaat de vriezer in, altijd makkelijk.
Eens kijken. De kipfilet, die moet gemarineerd worden natuurlijk, da's het lekkerst. Om te beginnen de kipfilet in de magnetron ontdooit en in mooie kleine stukjes gesneden. En daarna de marinade gemaakt:
  • zoete soja-saus;
  • klein scheutje wokolie;
  • een paar korreltjes fijngemalen koriander;
  • gemalen knoflook;
  • mespuntje gandaria-sambal (Milde, zachte, licht zoet-zure en frisse sambal gemaakt van gandaria (kleine ronde/zure vruchtjes);
  • beetje peper;
  • beetje zout.

Het geheel heb ik vervolgens goed doorgeroerd en toen de stukjes kipfilet erin en goed door de marinade heen gehaald. Vervolgens een huishoudfolie over het schaaltje heen, de boel in de koelkast en laten marineren.
In de voorraadkast kom ik nog een pak Conimex Nasi Goreng Kipsaté tegen, zo'n kant en klaar pak waar je alleen nog vlees en groenten aan toe hoeft te voegen. Ik denk dat ik de nasi-kruiden en de rijst die daarin zit maar gebruik. De andere zakjes zijn saté-saus en een sausje voor sambalboontjes. Maar die gebruik ik een andere keer wel.

Nou, ik ben klaar om te gaan koken. Ik denk dat ik deze volgorde hanteer:
  1. Kook Surinaamse rijst in 15 minuten gaar;
  2. Doe 3 eetlepels wokolie in de wok en verhitten op een middelmatig vuur;
  3. Roerbak de kip gaar;
  4. Bak in een aparte koekenpan de spekreepjes, zonder olie of bakboter;
  5. Voeg de paprika en de champignons toe in de wok en bak ze mee met de kip;
  6. Voeg de wokgroenten ook toe en bak deze tot ze gaar zijn;
  7. Roer nog 2 geklutste eieren erdoor, goed door blijven roeren zodat er stukjes ei ontstaan;
  8. Voeg dan de kruidenmix toe;
  9. Voeg nu de hamblokjes en de gebakken spekreepjes toe;
  10. Voeg als laatste de gekookte rijst toe en roer het geheel goed door;
  11. Goed doorwarmen.

De doordeweeksezondagmiddag-nasi is nu klaar. Overigens: Tijdens het koken heb ik tussen de bedrijven door de kipsaté in de magnetron opgewarmd.
Aan tafel,
Selamat Makan!





Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen