maandag 20 mei 2013

Verstrooid worden

‘Laten wij ons een naam maken, opdat wij niet over de gehele aarde verstrooid worden’
Genesis 11:4
Hieronder een column van onze predikant, Piet van Veldhuizen, van een paar jaar geleden. Ik heb hem vaak opnieuw gelezen. Hij blijft me boeien, elke keer opnieuw....

"Niemand wil verstrooid worden. Dat geldt in alle betekenissen van dat woord. In ons hoofd, in de kerk en in de familie willen we graag ‘de boel bij mekaar houden’. Het verzamelen zit ons in het bloed. Een rijke oogst, een goede voorraad, een hechte familiekring, een volle kerk: daar voelen we ons wél bij. Liefst zou het altijd zo moeten blijven.
Maar alle oogst is er om opnieuw uitgestrooid te worden. Volle nesten vliegen uit, kinderen gaan hun eigen wegen. Ook in de kerk zijn we niet geroepen om op een hoopje te blijven zitten, maar worden we uitgezonden om tot in de uithoeken van de schepping een zegen te zijn.
De mensen die volgens Genesis 11 de toren van Babel bouwden, werden gedreven door de vrees om verstrooid te raken. Ze bouwden zo hoog omdat ze bij elkaar wilden blijven, want samen ben je sterk. Als je elkaar kwijtraakt, ben je verloren – dat dachten ze, en ik denk dat velen van ons het roerend met hen eens zijn.
Maar waar mensen zich aaneensluiten uit vrees om op zichzelf teruggeworpen te worden, daar sluit zich ook altijd de kring van hun geest. Ze maken zichzelf een naam, zo heet het in Genesis 11. Samen voelen ze zich sterk, een geest van eenheid wordt vaardig over hen. Dat lijkt prachtig, maar precies dát is in het verhaal een reden voor de Eeuwige om in te grijpen. Het klinkt onheilspellend als God daar spreekt: nu zijn ze tot alles in staat. Maar de wereldgeschiedenis toont inderdaad telkens weer dat mensen tot alles in staat zijn als ze zich omwille van hun veiligheid tot een sterke beweging aaneensluiten. Of het nu politieke, nationalistische of religieuze bewegingen zijn, voor je het weet wordt zo’n sterke beweging onderdrukkend, zowel voor wie erin zitten (alle neuzen dezelfde kant op) als voor de buitenwereld, want alles wat anders is wordt dan als bedreiging gezien.
Volgens Genesis 11 heeft God toen de mensen verstrooid, uitgezaaid over de hele aarde. Ze zochten eenheid, maar God schiep voor hen de veelheid van talen en culturen. Ze wilden op een kluitje zitten en elkaar al begrijpen zonder dan er één woord gezegd werd, maar God vond het beter als mensen steeds weer van hun plek moeten komen om een ander te vinden. Zo zouden mensen weer beelddragers van de Eeuwige zijn: als ze elkaar aandachtig beluisteren zoals Hij ons beluistert; als ze moeite doen om elkaars talen te leren spreken, zoals Hij zichzelf naar ons vertaalt; dat ze zich mateloos over elkaar verwonderen, zoals Hij ieder van ons als een kostbaar wonder op de voet volgt.
Het is Pinksteren geweest. Op dat bijbelse oogstfeest werden ooit duizenden mensen samengebracht met een hemelse ervaring van eenheid, samen in de naam van Jezus. Alle verschil viel weg, alle etiketten lieten los, de Geest van God verdreef alle volksgeesten en tijdgeesten en clubjesgeesten. Maar wie verder leest in het boek Handelingen, ziet dat de oogst van Handelingen 2 vervolgens weer wordt uitgestrooid. Sommigen gaan de wereld in, of terug naar hun plek van herkomst. Anderen krijgen onderling onenigheid. In het jaar 70 wordt Jeruzalem verwoest en worden alle joden en christenen verdreven, verstrooid over heel het Romeinse Rijk. Tegen die tijd was de christelijke beweging ook al gebarsten en gebroken in allerlei groepen en groepjes. Petrus kan niet met Paulus overweg, Paulus breekt met Barnabas, enzovoorts. Een triest mensenverhaal, maar tegelijk een prachtig verhaal over de Eeuwige die het zaad uitstrooit over heel de aarde, ook als het zaad liever in de zak blijft zitten..
Niemand wil verstrooid worden, maar dat is wel Gods weg in onze wereld. We moeten telkens weer leren elkaar los te laten, te laten gaan. We moeten telkens weer aanvaarden dat anderen, soms je eigen kinderen, een andere taal spreken en een andere weg gaan. We moeten dan beseffen dat niet onze taal de goede is en die andere de foute.
Ook in de kerk willen we graag zoveel mogelijk mensen onder één dak brengen, met één taal en enerlei manieren. Als dat soms opeens gebeurt, is dat een Pinksterfeest, en we mogen dankbaar zijn voor ieder moment waarin we samen boven onszelf uitgetild worden. Maar vervolgens worden we weer uitgestrooid, en dat is goed.
Misschien dat we zo ook eens naar onze kerkelijke veelkleurigheid in het Ambachtse kunnen kijken: als zaad dat in verschillende voren valt. Elke korrel leidt een eigen leven, en pas vanuit een veel wijder perspectief zie je dat het één akker is, één oogst – niet de onze, maar die van God.

ds P. van Veldhuizen
"

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen